Dag 85: zondag 20 mei 2012: Uit de grond gestampt

Na een boemeltje dat opnieuw overdadig gevuld is met licht meurende schoolkinderen (op een zondag!), een sneltrein en weer een boemeltje, arriveren we om half 11 in het in het bergachtige binnenland gelegen Hita, ons vertrekpunt voor diverse excursies. Na wat vragen en zoeken vinden we koffie met gebak. En om half 1 ontmoeten we Ken Nishigori, cultureel attaché in Nederland, en Matsumoto Kure en haar dochter Minna die ons vandaag en morgenmiddag zullen rondrijden. Hartelijke en vrolijke mensen. Minna heeft 3 maanden in Nederland bij Ken gewerkt en komt binnenkort weer. Zij kookt, haar moeder is musicus.

We bezoeken eerst Onta, dat 16 kilometer van Hita ligt. In dit plaatsje werd 300 jaar geleden begonnen met het maken van keramiek en de techniek is sindsdien niet veranderd. De gele klei wordt in de omringende bergen gedolven en met reuzenstampers, aangedreven door stromend beekwater, fijngestampt. Het stampende geluid is overal in het dorp te horen. Er zijn nog 6 noborigama’s over, die gezamenlijk, volgens een bepaald rotatieschema, worden gestookt. Overal in het dorp zijn de ovens te vinden, evenals de werkplaatsen met stampers. Buiten staan lange rijen potten met klei te drogen. Als de klei is gedroogd, kan ze tot fijn poeder worden gestampt.

Na het nemen van veel, heel veel foto’s – want het stampen is een zeer intrigerend gezicht – bezoeken we de 8e generatie Sakamoto. Hij is 48 jaar oud en werkt inmiddels samen met zijn zoon. Zijn verre voorvader was de stichter van het plaatsje; de buurvoorvader bracht de pottenbakkerstechnieken (van Koreaanse oorsprong) naar Onta, iemand anders had geld om klei te delven. (‘To buy a mountain.’) Lang is er keramiek gemaakt in Onta, maar ook veel gedronken én gevochten voor de verdeling van de klei. De jongere generatie heeft het nu overgenomen en de 10 families hebben een union opgericht. Samen zoeken ze nu naar nieuwe delfplaatsen, want de klei begint steeds meer op te raken. De keramiek uit Onta is tamelijk traditioneel, gekend om de patronen die met een metalen veer in het slib worden geslagen of met een kam worden getrokken, en niet duur: € 18 voor een theepot. We bezoeken nog het tegenover gelegen atelier annex winkel van Yanase, die druk aan het draaien is, en nemen dan een lunch in een restaurantje iets lager gelegen.

Onta had de kunst van het pottenbakken afgekeken van Koishiwara waar al 600 jaar keramiek wordt gemaakt. We brengen er een bezoek aan het michi no eki (wegstation) waar een grote bazaar is met keramisch gebruiksgoed. Daarna volgt een lange autotocht door de bergen, met eindeloze bossen en vele houtfabrieken, naar Inaba Kosaku, een 65-jarige keramist in Kama City. Een bijzonder aardige man met volwassen dochter en klein hondje; zijn vrouw is kort geleden overleden. Hij maakt gebruiksgoed – houtgestookt met een anagama – dat sterk doet denken aan Bizen-keramiek: tamelijk roodbruin en somber, met witte veldspaatkorrels en nadrukkelijke sporen van het vuur en de as. Erg mooi en dramatisch werk. Zijn dochter schenkt koffie. Hijzelf beantwoordt vele vragen en speelt en passant ook nog even op zijn shakuhachie, een grote, zelfgemaakte bamboefluit. Kure, Minna en Ken vertalen voor zover nodig. Er is veel laaggeprijst werk, maar de kom en het kruikje dat we op de foto zetten zijn hoger geprijst: € 500 respectievelijk € 150. Chawans – theekommen – zijn nu eenmaal speciaal gewaardeerd in Japan.

De hele dag is het al bewolkt en fris en tijdens onze laatste rit is er af en toe een druppel gevallen, maar als we binnen zitten bij Inaba begint het pas echt goed te regenen. De lange rit terug naar Hita is in toenemend duister, onder het genot van Ierse vioolmuziek en later de zacht voortkabbelende uitvoeringen van Mina’s broer en zus, beiden ook al musicus. De hemel verkleurt vaag zilvergrijs met wat lichtrose, de bergen zijn in verschillende grijstinten geneveld. In Hita rijden we door wat fraaie, oude straatjes vol traditionele huizen. We vinden er een sushibar en hebben er een gezellige avond. Bij het hotel nemen we afscheid van Kure en Mina: zij moeten nog 2 uur terug naar huis rijden; morgenmiddag zien we elkaar op een andere plaats.

Overnachting: San Hotel, Hita (westerse kamer, 2p-bed, bureau met krukje, tv, koelkast (werkt niet), fauteuil, piepkleine badkamer met wc/bad/douche, uitzicht op stad/omringende bergen, internet via kabeltje op kamer, geen ontbijt i.v.m. vakantie)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *