Dag 83: vrijdag 18 mei 2012: De porseleinen stad

Gewapend met broodjes gerookte zalm en grote cappuccino’s nemen we ’s ochtends de trein naar Arita en Imari. Grote vlaktes met akkerland en nederzettingen trekken voorbij, iets verderweg is er heuvelland met grotere bergen erachter. Al gauw komt de zee aan onze rechterhand. Als ik de Japanse borden en vlaggen negeer, zou ik me zo kunnen wanen aan een spiegelgladde, zonovergoten Middellandse Zee. (En op een enkele grintfabriek na…) In de baaien staan stokken met netten in het ondiepe water. Vissersbootjes dobberen aan hun kettingen. Later zijn er groen- en goudgele rijst- en korenvelden en vlak voor Arita zijn er lage bergen met hier en daar kale, knobbelige rotsen.

Het was een Koreaan die rond 1600 porseleinklei vond in de bodem van Kyushu. Al gauw groeide de streek rond Arita uit tot keramiekstreek gespecialiseerd in porselein. Toen in de 2e helft van de 17e eeuw de VOC problemen ondervond met de handel in Chinees porselein vanwege interne spanningen in dat land, werd China’s rol overgenomen door Japan. Het porselein dat werd vervaardigd voor de Europese markt was aangepast aan de eisen van de opdrachtgevers en de Europese smaak. Imari was eigenlijk de naam van de haven van waaruit het porselein uit deze regio naar Europa werd verscheept en de Europeanen noemden het daarom al gauw Imari-porselein.

Het informatiekantoor op het station in Arita heeft goede Engelstalige informatie en stadsplattegrond. Buiten biedt een man zich aan als gids, maar dat slaan we af; we hebben geen behoefte aan een algemene toeristische excursie. We bezoeken eerst het Kyushu Ceramic Museum waar in verschillende zalen keramiek wordt getoond: een deel van de collectie Mr.&Mrs. Shibata (in totaal 10.000 stukken), de geschiedenis van Kyushu keramiek en tot slot oude keramiek. De zalen voor hedendaagse keramiek en voor wisseltentoonstellingen zijn gesloten. Dankzij de Engelstalige folder en teksten in de vitrines kunnen we ons een goed beeld vormen van alles. We lunchen in het museumrestaurant met kopjes en borden van Arita porselein, die zo uit het museum zouden kunnen zijn weggelopen. Als we na de uitstekende maaltijd nog een kopje koffie nemen, legt de vriendelijke gastvrouw een kaartje erbij: het zijn echt antieke kopjes. Later legt ze uit dat we uit kopjes hebben gedronken die ¥100.000 oftewel € 1000 per stuk waard zijn. Gelukkig zegt ze het pas achteraf… Ook de toiletruimtes zijn een bezoek waard: wc-potten en -deksels zijn van blauwwit porselein, evenals de wasbak, de toiletrolhouder enzovoorts.

Een (heet!) half uur lopen later komen we bij de Kakiemon Kiln. Kakiemon I wist een uitzonderlijke kwaliteit porseleingoed te bereiken en ontwikkelde een eigen stijl die later de Kakiemon-stijl genoemd zou worden: delicate decoraties in 5–7 kleuren op een warme melkwitte ondergrond. In de showroom zien we schoteltjes voor ¥ 315.000/5 stuks en een vaas voor ¥ 6,3 miljoen. Alles wordt handbeschilderd! Achter de showroom is een klein museum. De hoffelijke Kakiemon XIV (inmiddels de 14e generatie!) leidt ons rond langs de houtoven en de werkplaatsen, waar in totaal zo’n 40 mensen werken. Vlakbij het raam wordt gedecoreerd met een penseel met 2 haren! In de showroom zien we ook weer de gids terug; hij heeft inmiddels een Japans echtpaar aan zich gebonden.

Met een taxi gaan we vervolgens naar de Imaemon Kiln waar we worden ontvangen door Imaemon Imaizumi XIV. Bij het fraaie huis is een kleine showroom en een museum. De kwaliteit van het porselein is hier wat minder, de prijzen ook ‘ietsje’: ¥ 236.000/5 schoteltjes. Aan de overkant van de straat is de werkplaats met ovens: naast de houtoven is er ook een grote gasoven; de schilderafdeling krijgen we niet te zien.

We dwalen door de kleine straatjes van Arita met fraaie traditionele huizen en muurtjes (Tombai) van grove oude ovenstenen. Overal zijn winkels met keramiek. We komen ook langs een winkel in pottenbakkersbenodigdheden en een grote porseleinfabriek. Door de ramen zien we mensen aan het werk.

Vlakbij is een shintotempel – de Touzan Schrijn – vol keramiek: de poort is van gestapelde blauwwitte cilinders, er zijn pilaren, een grote vaas en een grote schaal in schrijnen, grote keramische wachthonden enzovoorts. We komen er opnieuw de gids tegen, samen met het echtpaar. Hij wijst ons op een lage balustrade van porselein bij een wat verscholen tempeltje.

Met een taxi gaan we naar het net buiten Arita gelegen Arita Porcelain Park waar het Dresdener Zwinger is nagebouwd. Toen in Meissen bij Dresden 300 jaar geleden eindelijk het geheim van de vervaardiging van porselein werd ontrafeld, werd het een belangrijk porseleincentrum. Kopieerden de Europeanen eens het Chinese en Japanse ‘Delftsblauw’, nu hebben de Japanners het Zwinger gekopieerd, compleet met een kleine dorpje vol vakwerkhuizen. Vooral het paleis ziet er surrealistisch uit. Alsof er iets niet klopt. Mensen zijn er nauwelijks. De exporuimten blijken gesloten. En het puntige bergje achter de in Franse stijl aangelegde tuin oogt vreemd on-Duits. Even wat beter kijken en dan blijkt het hele paleis niet van natuursteen te zijn, maar van beton! Hoogstwaarschijnlijk zijn ook de groenkoperen daken gewoon geschilderd… In de vakwerkhuisjes zijn enkele winkeltjes en restaurants gevestigd. Rond 5 uur willen we een hapje gaan eten, maar alle restaurants blijken gesloten te zijn. Daarom laten we een taxi bellen. Onderweg zien we een van de vele bruggen in Arita die met porselein zijn gedecoreerd; deze brug wordt gesierd door de Brandenburger Tor met een witporseleinen paardenspan er bovenop. Vlakbij het station vinden we een wat matige chinees waar we wat naar binnen werken.

Van Arita is het slechts 25 minuten met een boemeltje vol schoolkinderen naar Imari. Het duistert al wat als we uit de trein stappen en de temperatuur is meteen een stuk lager. Het hotel is slechts op 5 minuten loopafstand van het station. Bij de receptie ligt er een brief van Janice, de Amerikaanse henro die we op Shikoku tegenkwamen: Dank (voor onze info over keramiek op Kyushu) en groeten. Vanuit het raam hebben we een uitzicht op de stad en omringende bergen en… op een enorme kerk. In plaats van gotische ramen zijn er balkonnetjes. Een appartementengebouw. ’s Avonds werk ik weer aan KLEI. Nog even doorzetten…

Overnachting: Sentararu Hotel (Central Hotel), Imari (westerse kamer, 2×1½p-bed, bureau met krukje, tv, koelkast (werkt niet), fauteuil en bank met tafeltje, kast, piepkleine badkamer met wc/bad/douche, uitzicht op stad/omringende bergen, internet via kabeltje op kamer, redelijk ontbijt)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *