Dag 69: vrijdag 4 mei 2012: Bank Holiday

Een vrije dag… maar we hebben nog bangai 17 in te halen – vanuit het hotel 11 kilometer op en neer naar het zuidoosten – en we willen ook Kotohiragu bezoeken – vanuit het hotel 6 kilometer op en neer naar het westen. Kotohiragu (of Konpira-san) is niet een van de 88 tempels en ook niet een bangai, maar het is een shintotempel die in heel Japan bekend is en daarom toch door veel henro’s wordt bezocht. Maar we beginnen met geld halen. En komen tot de ontdekking dat het postkantoor is gesloten. Dat is niet conform de openingstijden op de deur. Bij de McDonald’s tegenover het hotel halen we een cappuccino en informeren meteen of het misschien een bijzondere dag is. Tijdens de Golden Week zijn alle postkantoren gesloten, krijgen we als antwoord. Maar naast de McDonald’s zijn 2 geldautomaten van banken die wel open zijn. Helaas worden onze bankpasjes daar niet geaccepteerd. Als het ons niet lukt vandaag of morgenvroeg geld te pinnen, zitten we in het weekend met een probleem, want creditcards worden slechts zeer zelden geaccepteerd in ryokans.

We gaan om 11 uur eerst maar eens op weg naar bangai 17. Via verschillende straatjes en weggetjes lopen we naar het zuidoosten. Het is warm, met af en toe een wat frissere wind van opzij. Bij een huis zijn enkele mannen aan het klussen. Een van hen vraagt waar we heen gaan en de ander biedt prompt een lift aan; hij moet toch nog even naar de tempel om te bidden. Maar we weigeren weer beleefd; we willen lopen. Al even na 12 uur komen we aan bij het stuwmeer naast bangai 17. Een groot beeld van Kukai kijkt op een heuveltje uit over het meer, want het was Kukai die dit waterreservoir heeft laten aanleggen. Kukai is niet alleen degene die als eerste deze pelgrimstocht liep en daarbij talloze tempels oprichtte, maar hij stichtte ook de boeddhistische Shingon-sekte, hij gaf leiding aan het uitvoeren van enkele grote waterwerken en ontwikkelde een van de 3 Japanse alfabetten. Hij is dan ook een van de meest bekende historische figuren in Japan.

Bangai 17 is slechts een kleine en ook erg stille tempel – we zijn de enige bezoekers – en al snel zijn we weer op de terugweg. De wind neemt toe en is ook steeds meer tegen; door de toenemende bewolking wordt het ook wat frisser. We hebben al de hele ochtend allebei last van buikkrampen, maar het belet ons niet te lopen… en te eten. Onderweg is een luxe bakkerij die blijkbaar erg populair is: er staat zelfs een vlaggenmans om het parkeren te regelen. Binnen lopen we in een lange rij langs de uitgestalde broodjes, elk met een klein dienblaadje en een grijptang in de hand. Met de broodjes nestelen we ons in het restaurant achter de winkel en nemen nog een cappuccino. Mels kan onverwacht mail ontvangen via zijn i-phone. Een mailtje van zijn jongste dochter: ze gaat scheiden na een jaar huwelijk en met een baby van bijna 9 maanden. Mels is er overstuur van.

Vlak voor Kotohira staat een man ons op te wachten voor zijn tuin, zijn vrouw komt naarstig aanhollen met 2 flesjes groene icetea. Voor ons! Terug in het stadje komen we al snel bij de Saya Bashi, een oude, overdekte houten brug. Tot onze verbazing zien we op de weg die langs de andere oever loopt, een lange file rijden. De file blijkt door een straat vol winkeltjes en wandelaars te trekken. We proberen er het hoofdpostkantoor: er staat op de deur dat de geldautomaat ook op zon- en feestdagen open is. Mels weet zelfs een beambte te vinden, maar helaas… 1000x excuses, maar tijdens de Golden Week is ook dit kantoor gesloten. Mels toont hem de tekst op de deur, maar dat maakt uiteraard niets uit.

Kotohiragu blijkt een zeer populaire tempel te zijn; we hadden er werkelijk geen idee van… Nu begrijpen we waarom het zo verschrikkelijk moeilijk was een hotel te reserveren in dit stadje. Samen met een hele horde mensen bestijgen we de 785 treden naar de tempel. De zon schijnt weer volop; het is warm en dus wordt er flink gepuft. Gezinnen met kleine kinderen, jonge paartjes, groepjes collega’s en ook veel mensen met honden klimmen langzaam omhoog of dalen – iets sneller – af. Grotere honden aan de lijn, kleintjes op de arm of in een mandje; hondjes met sokjes, jasjes en met broekjes. Broekjes??? Hoe moet dat dan??? Luiertjes natuurlijk!

Aanvankelijk loopt de toegangsweg – met af en toe wat treedjes en overdekt met zeilen om wat schaduw te bieden – door een woud van souvenirwinkeltjes met houtsnijwerk, tassen, T-shirts, hoedjes, wuivende gelukskatjes, lekkernijen en vooral ook heel veel wandelstokken. Wat wij inmiddels weten – maar blijkbaar massa’s anderen niet – is dat die stokken wegglijden op gladde treden; ze zijn hier gewoonweg helemaal niet te gebruiken… Al snel zijn het vooral de kinderen die met de rottinkies lopen te pronken en is het uitkijken geblazen ze niet tussen je benen te krijgen. Je kunt je ook op een klein overdekt draagbaartje, dat tussen 2 mannen hangt, naar boven en naar beneden laten dragen, maar we zien slechts 1 vrouw er gebruik van maken.

Verder naar boven is er een breed natuurstenen pad, met links en rechts grote stenen lantaarns, omgeven door bos. Onderweg komen we door het poortgebouw, met 2 samoerai links en rechts van de ingang. Op verschillende niveau’s volgen er andere gebouwen, zoals een museum met kunstwerken; wat hoger is er een stal met een wit en een donkerbruin paard erin. Er wordt druk gefotografeerd. Op een ander niveau staat een fraaie tempel. Mensen staan er netjes in een rij om om de beurt bij de tempel een muntje in de collectebak te gooien en te bidden. Bij de tempel staat een groot, oud waterreservoir. Als het je lukt een muntje te laten drijven op het wateroppervlak, mag je een wens doen. Het trekt massa’s mensen, vooral kinderen uiteraard. Dan komen we eindelijk bij Kotohiragu. Deze shintotempel biedt bescherming aan zeevaarders en in een lange overdekte hal hangen talloze schilderijen en foto’s van schepen. Tegen een wand hangen reddingsboeien en staan ook enkele rijen sakevaatjes, die vaak als offer aan een tempel worden geschonken. In het midden staat een langwerpige 1-persoons boot opgesteld, aangedreven door zonne-energie. Enkele van de fraaie tempelgebouwen zijn door overdekte gangen aan elkaar verbonden. De daken zijn bedekt met een minstens 40 centimeter dikke laag van reepjes sugibast, een traditionele dakbedekking die veel werd gebruikt in Japan. Door een raam zie ik enkele shintopriesters aan het werk. Ervoor staat een grote oude kamferboom omgeven door touwen vol wensbriefjes en ertegenover is een gebouw met achter een lange balie een rij mannen en vrouwen in shintokleding. Rijen bezoekers staan ervoor om wensbriefjes en dergelijke kopen. Je kunt er ook je boek laten stempelen, maar wij blijken de enigen die daarvoor komen. Vanaf dit niveau is er een wijds uitzicht over de laagvlakte waar de grote stad Marugame is gelegen, en over de omringende bergen. We zien ook weer de grote bruggen die Shikoku via enkele eilanden verbinden met Honshu. We maken een praatje met een man uit Tokyo, die Engels spreekt. Hij vertelt ons dat we nog verder omhoog kunnen, nóg eens 785 treden omhoog. Maar wij hebben begrepen dat je met de eerste 785 treden al verlost bent van al je zorgen: 786 is in het Japans (afgekort) nayamu; in het Japans betekent dat ook ‘zich zorgen maken’. Vandaar… We vinden het wel genoeg op onze vrije dag, hoger gaan we niet. Maar voor we weer afdalen zie ik nog een koppeltje plastic honden: 1 grote en 3 kleintjes. We vragen enkele meisjes wat er de bedoeling van is. Ze leggen uit dat je er wensbriefjes kunt kopen met een hangertje van een gelukshondje. Doe ik! (Geldproblemen? Welnee…) Als ze mijn geluksbriefje lezen, juichen ze dat ik extra veel geluk heb gekregen. Ik moet het hangertje en het briefje in mijn portemonnee bewaren.

Langzaam dalen we weer af en dwalen daarna door de straatjes van Kotohira, op zoek naar nog wat banken en supermarktjes met pinautomaten. We proberen het nog een paar keer bij een geldautomaat, maar geld krijgen we niet. We eindigen bij dezelfde kaiten-sushi als gisteren.

Geplande afstand: 11 km (bangai 17 v.v.) en 6 km (Kotohiragu v.v.), 250 m stijging (Kotohiragu)
Werkelijke afstand: 17,5 km, hoogste punt (Kotohiragu) 258 m, totale stijging 394 m, totale daling 390 m (gps heeft een tijdlang niet gewerkt)
Cumulatief afgelegde afstand: 1305,5 (plus 22,4 km met auto)
Vertrek-/aankomsttijd: 11.04– ca. 18.00 uur
Looptijd: ?
Gemiddelde snelheid: ?
Bezochte tempels: bangai 17 en shintotempel Kotohiragu
Blaren: 1 (altijd dezelfde)
Overnachting: Park Hotel (westerse kamer, 2p-bed, bureau met stoel, koelkast, tv, piepkleine badkamer met bad/douche/wc, internet staand via kabeltje in hal, redelijk ontbijt Japans/westers)

1 reactie op “Dag 69: vrijdag 4 mei 2012: Bank Holiday

  1. Hi guys,

    How are you doing? Hope you didn’t get any trouble with the early storm. So you’ve been to Kotohira, right? I could check some of your blog even it’s in Dutch…lol.

    It was very nice to meet you guys in Ikeda. Adriaan was really happy to speak his language to you. We were not so happy after we looked the town cause it was pretty nothing around, even no izakaya open but after we met you guys that feeling were gone. Thank you.

    So will you come to Okayama area before you leave Japan? If so you should let us know. We’d like to see you guys again.

    Good luck for ohenro-tabi and hope to see you again.

    Yuko

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *